ARK PreAdvies 9B Werf 35

Preadvies 9 B: Betreft  het Concept Stedenbouwkundig plan Werf 35, toegelicht op 12-02-2021 door Paul Ketelaars (Vakwerk Architecten) en Sander Vedder (Karres en Brands). Zie eerdere adviezen 9 d.d. 29-05-2016 en 9 A. d.d.  05-12-2017.

Inleiding

Nadat in 2016 en 2017 een concept beeldkwaliteitsplan werd gepresenteerd als een eerste visie op de transformatie van de vm. Gemeentewerf, is de planvorming gestagneerd. Inmiddels heeft de eigenaar/ontwikkelaar Medianest BV in 2020 met de gemeente een intentieovereenkomst gesloten voor het opstellen van een stedenbouwkundige visie met een integraal toekomstbeeld en een invulling van het voorterrein. Deze visie is als resultaat van een periode van ontwerpend onderzoek een opmaat voor een ontwerp bestemmingsplan.

Advies

ARK is enthousiast over de gepresenteerde visieontwikkeling met als gekozen identiteit: een eigenzinnige dynamische broedplaats. De balans tussen wonen/werken en faciliteit in het nieuw te bebouwen gebied is goed in evenwicht in een mooie mix en een fraai weefsel van gebouwen en openbare ruimten. De hoofdentree aan de Mussenstraat is markant en de rooilijn aldaar is robuust en helder (p.34).

Het is aan te bevelen virtueel door het plan heen zich een voorstelling te maken van het veronderstelde gebruik van de openbare ruimten, ook op de verhoogde maaivelden. Hoe kan de dynamiek in de plinten worden verankerd en voorkomen worden dat in de late uren bepaalde passages een doodse indruk maken? Het wensbeeld van de gedachte dat zowel wonen als werken in een loftvorm wordt uitgegeven, waardoor uitwisseling van functie en latere veranderbaarheid vergemakkelijkt wordt, wordt door ARK toegejuicht.

De beeldkwaliteit voor de inrichting van de openbare ruimten met de labels stoer/rauw/ kloek/industrieel (p. 28-31) is voor de gebouwen terecht. Maar dan is ook voor de openbare ruimten te overwegen het beeld van ‘landschappelijk groen’ te vervangen door een van ‘stedelijk structurerend groen’ met een referentie naar een bedrijfslogistiek. Binnen deze enclave met een campus karakter wordt de openbare ruimte ingericht als een soort ‘werkvloer’ met een herkenbaar eigen karakter.

Mooi dat gekozen is voor een integrale, half verdiepte parkeeroplossing met ‘opkamers’ als woonpleinen. Dat maakt op al dan niet half verhoogd maaiveld een fijnmazige gebouwde oplossing mogelijk. Dat is zeker het geval door de verwevenheid met de maatgevoelige openbare ruimten. De stapeling van wonen op parkeren en werken is gunstig voor het bereiken van de nodige dichtheid en ruimtelijke kwaliteit.

Door de draagstructuur van de gebouwde parkeervelden is stapeling van woningen daarboven minder eenvoudig te realiseren. Daardoor zal er minder ruimte voor flexibiliteit zijn. Ook de

ventilatie die nodig is voor het souterrain-parkeren is een punt van aandacht.

Aan de noordzijde is de grond achter de werfmuur ooit door de gemeente verkocht waardoor een normale verbinding naar de Raafstraat niet voor de hand ligt, maar ARK vraagt zich af of het alsnog niet mogelijk is via een poortje een informele voetgangersverbinding aan te leggen.

ARK is benieuwd of het lukt om via de medewerking van Hanegraaf te bereiken dat in de Z-O hoek een plan met dezelfde uitgangspunten kan worden ingevuld. Aan de overkant van de Arendstraat wordt overigens dezelfde formule van verdiept parkeren/werken met wonen daarboven toegepast.

Zo kan het ooit grotere industrieel gebied op een verwante wijze getransformeerd worden.

De hoofdrichting van de bouwvolumes in een orthogonale opstelling is begrijpelijk en voor de hand liggend, maar het zou wel verassend zijn als hier en daar een klein volume zich aan dat keurslijf zou onttrekken. Dan wordt het geheel dus nog iets ‘eigenzinniger’.

Datzelfde geldt voor de toepassing van nieuwe sheddaken voor de functie wonen. Industrieel zijn sheddaken als noordelijke lichttoetreding begrijpelijk maar voor wonen is zuiderlicht meer voor de hand liggend. Vormwil bij het kiezen van een bepaald daklandschap moet dienstbaar blijven aan de uiteindelijke functie. Als toch voor sheddaken gekozen wordt dan hoeft hier dus niet met noorderlicht gewerkt te worden. De lichttoetreding moet dan anders georiënteerd worden.

Al met al is ARK heel positief over deze stedenbouwkundige visieontwikkeling!

 [ARK: Fons Asselbergs, Hans Ruijssenaars, Stef Veldhuizen)