Tijdelijke headerfoto tbv aangepaste stijlen bug - niet verwijderen aub

Gladheidsbestrijding 2018 - 2019

In de bijlage het plan van aanpak gladheidsbestrijding  2018-2019. Daarin leest u alles over de manier van strooien, de prioriteiten en hoe de gladheidsbestrijding is georganiseerd binnen de gemeente.

Het komende winterseizoen starten de strooiroutes vanaf de 1e Loswal waar het strooizout en pekelwater opgeslagen zijn. Op afroep is er nog een strategische voorraad strooizout voor Hilversum beschikbaar bij de zoutleverancier.

De fietspaden krijgen zoals gebruikelijk de nodige extra aandacht. Een aantal fietspaden en aansluitingen worden met de hand gestrooid.

Samenvatting Plan van aanpak

Werkwijzen

Weersituaties
Bij de bestrijding van de gladheid worden verschillende weersituaties onderscheiden die elk hun eigen aanpak hebben.

  • Opvriezen van (natte) wegdelen
    • Bestrijden met zout of mengsel van zout met pekelwater (nat strooien). Het nat strooien wordt vooral preventief uitgevoerd. Het zoutmengsel hecht zich beter op de weg en verwaait minder in vergelijking met het droog strooien van strooizout.
  • IJzel
    • Bestrijding door te strooien met zand of een mengsel van zand met zout.
  • Sneeuwval op rijwegen
    • Bestrijding door sneeuwploegen en/of strooien met zout, waarna het verkeer en de dooi voor het oplossen van de sneeuw zorgen. De (verwachte) hoeveelheden sneeuw en ritfre-quentie bepalen mede de inzet van het materieel en de hoeveelheid strooizout per vierkante meter.
  • Sneeuw op fietspaden
    • Bestrijding door borstel en/of strooien met hogere dichtheid (dosering) zout en/of pekelwa-ter en vrij snel gebruik van sneeuwploegen met aangepast smal en licht materieel. Bij eer-ste sneeuwval en bij smeltende sneeuw worden rolborstels ingezet voor een effectieve verwijdering.
  • Zware langdurige sneeuwval
    • Bestrijding door strooien met zout en gelijktijdig ploegen met sneeuwploegen. Nadeel is het opwerpen van sneeuwwallen die de afvoer van dooiwater belemmeren en de verminderde mogelijkheid om sneeuw voor de ploeg zijdelings te lossen als gevolg van smalle wegen, fietspaden en geparkeerde auto’s ter weerszijden van de rijbaan

Fietspaden
Juist op de fietspaden doen zich bij het bestrijden van gladheid specifieke problemen voor. Een probleem is dat zout alleen niet voldoende is om het ijs te doen smelten. Daar is ook wieldruk voor nodig en die geeft een fietsband onvoldoende. De sneeuw wordt daardoor tot zogenaamde "rillen" gereden om daarna opnieuw te bevriezen. Dergelijke ijsrillen zijn nauwelijks te verwij-deren en leveren ernstige hinder op voor de wielrijders. Hier wordt elk jaar extra aandacht aan gegeven door met meer zout en/of pekelwater te strooien en sneller sneeuw te ruimen.

 

Routes

Preventief strooien
Als er gladheid wordt verwacht door bevriezing van natte weggedeelten wordt een preventieve nat-strooiactie opgestart om te voorkomen dat wegen en fietspaden glad worden.

Curatief strooien
Bij aanhoudende gladheid ten gevolge van sneeuwval en/of ijzel is er sprake van curatieve gladheidbestrijding. In dit geval worden de doorgaande wegen en radialen met voorrang behandeld zodat hulpdiensten zoals politie, ambulance en brandweer maar ook het openbaar vervoer zich snel en veilig door de stad kunnen verplaatsen.

Op het moment dat de doorgaande wegen sneeuw- en ijsvrij zijn worden de overige woon-straten (buurten) behandeld.
 
De prioriteit van het (curatieve) strooien van de wegen is als volgt bepaald:

1   ziekenhuis – aanrijroutes  
1   routes openbaar vervoer  
1   routes hoofdwegenstructuur (invalswegen,    buitenring, radialen en Centrumring)  
1    fietspaden/winkelcentra  
2    wegen op industrieterreinen  
2    wijkontsluitingswegen   
3    woonstraten in de buurten   

 

Organisatie

Het besluit om te gaan strooien ligt bij de inspecteur gladheidbestrijding.
De inspecteur bepaalt de te hanteren methode van gladheidbestrijding.

Hierbij wordt rekening gehouden met de volgende factoren:
-    de weersverwachting
-    de weersgesteldheid op dat ogenblik;
-    de aard van de melding(-en) door de politie;

Hij besluit over het tijdstip en de omvang van de uitruk (preventief en/of curatief), over het te gebruiken strooimiddel, over de te strooien hoeveelheden, over wel- of niet sneeuwploegen, etc. De inspecteur meldt altijd vooraf aan de meldkamer van de politie wanneer er gestrooid gaat worden en wanneer (tijdstip) de strooiwerkzaamheden gereed zijn (gereedmelding).

Bij preventief strooien is het belangrijk vóór de spits te starten met de gladheidbestrijding
omdat de strooiwagens anders in het verkeer kunnen vastlopen.

Personeel

Het personeel dat nodig is bij zoutstrooien, sneeuwruimen en sneeuwploegen bestaat naast medewerkers van SBS ook uit personeel van derden (onderaannemers). Het personeel is opgeleid voor de gladheidbestrijding. Om het materieel optimaal te kunnen inzetten zijn goede verbindingen in de vorm van (mobiele) telefoons noodzakelijk. De aannemer is 24/7 bereikbaar en gebruikt de Franciscusweg 359 als uitvalbasis voor het ter beschikking stellen van medewerkers en gladheidmaterieel.

SBS is verantwoordelijk voor de inzet van het materieel voor het uitvoeren van de gladheid-
bestrijding. Afhankelijk van de uitruk (preventief of curatief), zijn 13 tot 17 voertuigen beschik-baar en worden als volgt ingezet:

Materieel

  • 9 grote sneeuwploegen
  • 8 kleine sneeuwploegen
  • 8 grote oplaadstrooiers
  • 3 kleine oplaadstrooiers
  • 5 wielstrooiers
  • 4 sneeuwborstels
  • 4 tractors
  • 8 vrachtwagens
  • 5 bedrijfsvoertuigen

Bijlagen