De rijke geschiedenis van Hilversum

Het Gooi is één van de oudste bewoonde streken van Nederland, waarvan prehistorische grafheuvels en allerlei vondsten nog stil getuigen. “Het is fascinerend wat in de loop der tijden allemaal in Hilversum is gebeurd”, weet Kees van Aggelen, bestuurslid van de Historische Kring Albertus Perk.
De naam Hilversum valt terug te dateren tot 1305 en is een afgeleide van Hilvertshem, wat ‘woonstede of nederzetting (heem) van de persoon Hilvert’ betekent. Kees van Aggelen: “Op de arme zandgronden was er vooral landbouw. Daarbij was een belangrijke rol voor de schapen. Die gaven mest voor de akkers (in het Gooi engen genaamd). Het wapen van Hilversum (vier boekweitkorrels) herinnert nog aan die agrarische periode. Vroege Hilversummers leefden simpel en bescheiden. Ze gaven hun hoeven geen naam of speciale versiering mee en vrijwel alle Hilversumse boeren lieten gewoon het erf open of zetten er een eenvoudig houten hek omheen.”

Schapenwol

De eerste nederzettingen in het gebied dat later Hilversum zou heten, verschenen zelfs al omstreeks het jaar 400, op de huidige Liebergerweg. Op 4 maart 1424 kreeg Hilversum een zelfstandige status van Jan van Beieren, ruwaard van Holland, Zeeland en Henegouwen, waardoor het de eigen nijverheid redelijk onafhankelijk kon uitbreiden. De verkoop en verwerking van schapenwol was in de middeleeuwen de belangrijkste bijdrage van Hilversum aan de regionale economie.
In de loop van de tijd hebben zich nogal wat dramatische zaken afgespeeld in Hilversum. In 1585 stak de beruchte Spaanse legeroverste Juan Baptista de Tassis op zijn plundertocht in Hilversum veel huizen in brand. In 1629 werd Hilversum opnieuw platgebrand door Kroatische huurlingen.

Sint Vituskerk

In de 17e eeuw groeiden de weverijen sterk en deze industrie bleef zich tot in de 20e eeuw uitbreiden. Hilversum werd langzaam groter, maar in 1725 en 1766 opnieuw geteisterd door branden die het dorp grotendeels vernietigden. Van Aggelen: “Terwijl rijke Amsterdammers zich al in de 17e eeuw vestigden in 's-Graveland, gebeurde dat in Hilversum pas na de aansluiting op het spoorwegnet in 1874. De aanleg van de spoorweg zorgde ervoor dat vermogende families als Brenninkmeijer (eigenaar van C&A) zich in Hilversum gingen vestigen. Ook daardoor kreeg het dorp langzamerhand een overwegend katholieke signatuur. Dat leidde in 1892 tot de bouw van de befaamde grote neogotische Sint Vituskerk, ontworpen door P.J.H. Cuypers en met plaats voor 1800 mensen.”

Mediasector

In 1918 startte de Nederlandsche Seintoestellen Fabriek (NSF) en daarna begonnen ook experimentele radio-uitzendingen. Daarop volgde de vestiging van omroepen van alle gezindten. De bouw van het Media Park in Hilversum-Noord zorgde ervoor dat veel omroepen daarna nog steeds geconcentreerd zijn in Hilversum en dat de mediasector is uitgegroeid tot de grootste werkgever van Hilversum.

100.000 inwoners

“In de jaren ‘50 en ‘60 voerde Hilversum een groot nieuwbouwprogramma uit in het oosten en noorden van de gemeente. De bevolking groeide enorm en in 1958 passeerde het aantal inwoners de grens van 100.000. Op scholen kregen de leerlingen toen beschuit met muisjes”, vertelt Van Aggelen. “Ook in de jaren ‘70 breidde Hilversum uit met de wijken Kerkelanden en de Hilversumse Meent en steeg het inwonertal tot ver over de 100.000.”
De gemeente Hilversum telt momenteel ruim 91.000 inwoners op een oppervlakte van 46 km2.

Over de Historische Kring Albertus Perk

Wie meer wil weten over de historie van Hilversum, is bij de Historische Kring Albertus Perk aan het juiste adres. De naamgever van deze vereniging was notaris, raadslid en later wethouder in Hilversum. Ook was hij secretaris van Stad en Lande en had hij grote belangstelling voor geschiedenis en archeologie.
“Het is fascinerend wat in de loop van de tijd allemaal in Hilversum is gebeurd”, constateert bestuurslid Van Aggelen. “Wij verdiepen ons bijvoorbeeld in de achtergronden van de grafheuvels op de heide en de historie van de media. En we kijken naar de invloeden van de ontsluiting van de ’s-Gravelandse Vaart.”
De leden van de Historische Kring Albertus Perk ontvangen 4 keer per jaar het Hilversums Historisch Tijdschrift. “En ze kunnen iedere maand een lezing bijwonen en deelnemen aan zomerexcursies door Hilversum”, aldus Kees van Aggelen, die samen met Ed van Mensch en Nico Leerkamp ook het boek Historische canon van Hilversum heeft geschreven. Dat geeft veel inzicht in de rijke geschiedenis van Hilversum.

Historische Kring Albertus Perk