CO2-Prestatieladder

Gemeente Hilversum heeft in maart 2021 haar eerste Co2-Prestatieladdercertificaat behaald. Hiermee brengen we onze Co2-uitstoot in beeld, kunnen we deze uitstoot monitoren en waar mogelijk verminderen.

Gemeente Hilversum werkt toe naar een klimaatneutrale bedrijfsvoering, zoals staat beschreven in het coalitieakkoord 2018-2022. Om zover te komen, werkt de gemeente sinds kort met de Co2-Prestatieladder. Omdat ook de gemeente nog een rest uitstoot CO2 heeft, compenseren we deze uitstoot door middel van CO2 compensatie certificaten. Het doel is om deze rest CO2 uitstoot te verlagen en daarmee ook de behoefte voor compensatie. Door het invoeren van de CO2-Prestatieladder brengen we onze rest CO2-uitstoot in beeld, kunnen we deze uitstoot monitoren en waar mogelijk verminderen.

In maart 2021 heeft gemeente Hilversum haar eerste Co2-Prestatieladdercertificaat behaald, van de derde trede van de ladder. Hiermee leggen we de basis om de komende jaren doelgericht energie en daarmee CO2-uitstoot te besparen. Op deze website kunt u zien hoe de gemeente werkt aan het verminderen van energieverbruik en CO2-uitstoot. Ook leest u hier hoe de CO2-Prestatieladder werkt, wat de CO2-voetafdruk is van ons basisjaar 2019 en wat onze doelstellingen voor de toekomst zijn.

Wat houdt de CO2- Prestatieladder in?

De CO2-Prestatieladder is een meetinstrument waarmee we voortdurend CO2-uitstoot en energieverbruik volgen en sturen. Dit meetinstrument wordt daarom ook wel een CO2-managementsysteem genoemd. Het belangrijkste aan het meetinstrument is dat een externe auditor ons telkens controleert. We moeten dus van alles wat we doen ook bewijzen aanleveren.

Bij elke trede van de CO2-Prestatieladder worden bepaalde eisen gesteld aan een organisatie. Deze eisen zijn gebaseerd op de volgende 4 benaderingen:

  • Inzicht: Elk halfjaar moeten we rapporteren over ons energieverbruik en het effect daarvan op onze CO2-voetafdruk.
  • Reductie: De gegevens van de vorige stap leveren belangrijke informatie. Daarmee kunnen we bepalen wat we de komende tijd gaan verbeteren en wat we de afgelopen tijd hebben bereikt.
  • Communicatie: Een heel belangrijk onderdeel is communicatie. We zijn over alles wat we doen open en communiceren erover. Niet alleen binnen de gemeente, maar ook naar buiten toe is het belangrijk dat we laten zien waar we mee bezig zijn. Zo begrijpt iedereen wat we (kunnen) doen om als gemeente CO2-neutraal te worden.
  • Initiatieven: Tot slot is het belangrijk om van elkaar te leren over het besparen van energie en CO2. Hierin is de stap ‘Communicatie’ natuurlijk belangrijk, maar ook willen we kennis delen via initiatieven en overleggen met andere gemeenten en het bedrijfsleven. Zo hoeft niet iedereen het wiel opnieuw uit te vinden en komen we als samenleving sneller op de plek waar we willen zijn: een CO2-neutrale samenleving.
Termen en uitleg van de treden van de CO2-Prestatieladder

Voordat we kunnen uitleggen hoe de opbouw van de CO2-Prestatieladder werkt, moeten we uitleggen hoe CO2 in verschillende soorten is opgesplitst. In de CO2-rapportages is CO2 opgesplitst in 3 verschillende ‘scopes’. Deze splitsing komt uit het Greenhouse Gas Protocol [link: https://ghgprotocol.org/]. In de uitleg van de resultaten en doelstellingen kom je deze ‘scopes’ vaak tegen.

Scope 1 en 2: eigen bedrijfsvoering

Scope 1 bestaat uit de directe CO2-uitstoot van een organisatie. Scope 2 bestaat uit de indirecte CO2-uitstoot van een organisatie. Samen geven deze scopes de eerste ring van invloed van een organisatie weer. Dit is het gebied waar een organisatie invloed op heeft. Het verschil tussen scope 1 en 2 zit vooral in waar de CO2 ontstaat. Zo hoort gasverbruik van een verwarming onder scope 1, omdat het gas ter plekke in CO2 wordt omgezet. Elektriciteit valt juist onder scope 2, omdat er CO2 ontstaat bij het produceren van elektriciteit. Dat gebeurt niet ter plekke bij de organisatie, maar al eerder op een andere plek waar de elektriciteit wordt gemaakt. Dit kun je natuurlijk wel beïnvloeden door minder elektriciteit te verbruiken.

Scope 3: de rest

Onder scope 3 valt eigenlijk alles wat in de rest van de wereld gebeurt op het gebied van CO2. Dit is natuurlijk enorm breed. Daarom wordt hierin nog onderscheid gemaakt tussen ‘upstream’ en ‘downstream’ van deze CO2. Met ‘upstream’ CO2 bedoelen we alle CO2 die ontstaat bij het halen van grondstoffen uit de natuur en omzetten in een product, en alles wat daarbij komt kijken totdat het bij ons terecht is gekomen. Denk bijvoorbeeld aan het maken van een pen, die we op kantoor gebruiken. Met ‘downstream’ CO2 bedoelen we alle CO2 die ontstaat nadat we het product hebben gebruikt, totdat het weer wordt hergebruikt om een ander product mee te maken.

De treden van de CO2-Prestatieladder

De CO2-Prestatieladder laat zien in welke mate een organisatie actief bezig is met het verminderen van CO2-uitstoot. Deze ladder bestaat uit 5 treden. Gemeente Hilversum stapt nu in op trede 3.

  • CO2 Prestatieladder trede 1

De organisatie weet waar zij energie vandaan haalt en waar zij dit verbruikt. Ze weet welke opties er zijn voor duurzame energie en om energie te besparen. De organisatie communiceert wanneer er iets belangrijks is intern over haar energiebeleid. Ook weet zij welke initiatieven er zijn om CO2-uitstoot te verminderen in haar sector en keten.

  • CO2 Prestatieladder trede 2

De organisatie weet waar zij energie vandaan haalt en hoeveel, en weet waar en hoeveel energie zij verbruikt. Ook heeft zij een kwalitatieve doelstelling geformuleerd voor energiebesparing en duurzame energie. De organisatie communiceert regelmatig intern over haar energiebeleid en neemt passief deel aan ten minste één initiatief om CO2-uitstoot te verminderen in haar sector of keten.

  • CO2 Prestatieladder trede 3

De organisatie heeft een officiële CO2-uitstootinventaris die volgens de ISO- of GHG-standaard is opgesteld en door een onafhankelijke instelling is goedgekeurd. De organisatie heeft kwantitatieve doelstellingen voor haar eigen CO2-uitstoot (scope 1 en 2). Zij communiceert regelmatig intern en extern over haar CO2-voetafdruk en neemt actief deel aan ten minste één initiatief om CO2-uitstoot te verminderen in haar sector of keten.

  • CO2 Prestatieladder trede 4

De organisatie weet op hoofdlijnen welke uitstoot er speelt in haar keten en heeft voor twee relevante ketens analyses uitgevoerd. De organisatie heeft kwantitatieve doelstellingen voor deze uitstoot. Zij overlegt regelmatig met belanghebbenden (overheden en maatschappelijke organisaties) en kan laten zien dat zij een initiatief leidt om CO2-uitstoot te verminderen in haar sector of keten.

  • CO2 Prestatieladder trede 5

De organisatie heeft een CO2-uitstootinventaris van haar belangrijkste leveranciers. De organisatie toont aan dat de geformuleerde doelstellingen uit trede 3 en 4 worden bereikt. De organisatie laat duidelijk en publiekelijk zien dat zij meedoet aan een CO2-verminderingsprogramma van – of met – de overheid of een maatschappelijke organisatie. Zij kan laten zien dat zij een belangrijke bijdrage levert aan een innovatief CO2-verminderingsproject

CO2 -Voetdrukafdruk 2019

Ieder halfjaar wordt de CO2-uitstoot in kaart gebracht in een CO2-voetafdruk. Hiermee krijgen we inzicht in hoe ver we zijn met onze doelstellingen. Als basisjaar hebben we hiervoor 2019 genomen. In dat jaar is er in totaal 2.671 ton CO2 uitgestoten. Hiervan werd 1.773 ton CO2 veroorzaakt door gas- en brandstofverbruik (scope 1), 878 ton CO2 door elektriciteitsverbruik (scope 2) en 20 ton door zakelijke reizen. Het gaat bij dit verbruik om onze eigen organisatie, maar bijvoorbeeld ook om de openbare verlichting in de gemeente. Hiervoor heeft de gemeente namelijk de energierekening betaald. Daarnaast worden ook de Tomingroep BV en GEM Crailo BV meegenomen. Gemeente Hilversum heeft namelijk een belangrijke zeggenschap in het bestuur van deze organisaties. Deze zeggenschap is groter dan 20%. Daarom wordt hun uitstoot naar verhouding van onze zeggenschap meegenomen in onze CO2-voetafdruk. Hieronder staat de CO2-voetafdruk in een grafiek weergegeven.

CO2 Voetafdruk 2019

Uitleg afbeelding CO2-voetafdruk 2019:

  • 24% Gasverbruik: Gaat over de verwarming van onze gebouwen, met name onze kantoren.
  • 13% Grijze elektriciteit: Gaat over het kantoor aan de Wilhelminastraat. Hier organiseert de verhuurder de stroominkoop. Deze is per 1 januari 2021 duurzaam geworden. Ook is hier een aansluiting die buiten het reguliere contract om is ingekocht.
  • 3% Brandstofverbruik: Gaat over de benzine en diesel van het wagenpark van de gemeentewerf en een aantal carpoolauto’s.
  • 1% Zakelijk vervoer (auto en openbaar vervoer): Gaat over alle dienstreizen die door medewerkers zijn gemaakt. Hieronder valt niet het woon-werkverkeer van onze medewerkers.
  • 59% Tomingroep en GEM Crailo: Gaat over de CO2-voetafdruk van de Tomingroep en GEM Crailo. Deze voetafdruk wordt naar verhouding van het belang dat de gemeente Hilversum heeft in deze organisaties meegenomen in onze eigen CO2-voetafdruk.

 

Trias Energetica

Om het verminderen van CO2-uitstoot goed te begrijpen, is het belangrijk om te beginnen bij het Trias Energetica model. Dit model laat zien hoe je CO2-uitstoot kunt verminderen en hoe je hierin prioriteiten kunt maken.

Trias Energetica

Uitleg afbeelding Trias Energetica Model:

  • De eerste stap in dit model laat zien dat je het beste kunt starten met het verminderen van je energieverbruik. In gebouwen kun je denken aan isoleren of installaties gebruiken die energiezuiniger zijn. Bij mobiliteit kun je denken aan het nemen van de fiets in plaats van de auto.
  • Stap twee is om de energie die je toch nog nodig hebt, zo duurzaam mogelijk op te wekken. Zo heb je misschien toch een auto nodig, maar als je een elektrische auto gebruikt die is opgeladen met zon- of windenergie, is dat duurzamer dan een auto gebruiken die rijdt op een fossiele brandstof.
  • De derde en laatste stap is om de fossiele brandstoffen die je echt niet duurzaam kunt opwekken te compenseren. Dit kan door CO2-certificaten in te kopen waarmee je de organisatie CO2-neutraal maakt. De CO2-Prestatieladder verplicht gemeente Hilversum om alle mogelijke besparingsmaatregelen (met een terugverdientijd van 5 jaar) te nemen om deze CO2-uitstoot zoveel mogelijk te verminderen.

Doelstellingen Gemeente Hilversum

Gemeente Hilversum wil in 2024 ten opzichte van 2019 15% minder CO2 uitstoten.

De subdoelstellingen hierbij zijn:

  • 10% besparen op gas en brandstof (scope 1) in 2024 ten opzichte van 2019.
  • 5% besparen op elektriciteit (scope 2) in 2024 ten opzichte van 2019.

Daarnaast hebben we als energiedoelstelling om jaarlijks 5% energie te besparen.

Belangrijkste CO2-maatregelen

Het totaal van energie- en CO2-besparende maatregelen die zorgen voor een besparing van 15% op de CO2-uitstoot van de gemeente Hilversum bestaan uit:

Scope 1

     

Maatregelen gasverbruik

Geschatte afname CO2 voetafdruk

Uitvoering

Verantwoordelijke afdeling

Raadhuis: Duurzaamheidsplan energie uitwerken en doorvoeren 2 procent 2021 - 2024 Vastgoed en installaties
Overgaan van aardgas op groen gas (met certificaat) 5 procent 2022 Vastgoed en installaties
GEM Crailo: nemen gasbesparende maatregelen tot de herontwikkeling 1 procent 2020 - 2024 College
Andere maatregelen 1 procent 2020 - 2024  
Totaal op gasverbruik 9 procent    
       

Maatregelen brandstofverbruik

     
Gemeentewerf: vervangen kleine vrachtauto van diesel naar biodiesel 1 procent 2021 Beheer en onderhoud
Andere maatregelen minder dan 1 procent 2020 - 2024  
Totaal op brandstofverbruik 1 procent    
       

Scope 2 en zakelijk reizen

     

Maatregelen elektriciteitsverbruik en zakelijke kilometers

     
Wilhelminalaan: LED-lampen installeren; overgaan van grijze op groene stroom per 2022 4 procent 2020 - 2021 Facilitair

Stimuleren van videobellen

minder dan 1 procent 2021 - 2024 Facilitair en HR
Andere maatregelen 1 procent 2020 - 2024  
Totaal op elektraverbruik 5 procent    

Resultaten 1e halfjaar 2020

In de eerste helft van 2020 is er ongeveer 6% minder CO2 uitgestoten ten opzichte van de eerste helft van 2019. De verwachting is dat dit cijfer nog lager uitkomt, doordat we minder elektriciteit, gas en brandstof hebben verbruikt. De belangrijkste reden hiervoor is corona. Daarnaast is de daling misschien nog hoger, afhankelijk van de besparing bij de Tomingroep. Als de cijfers over 2020 bekend zijn, kunt u hier de eindstand van 2020 vinden.

Participatie-initiatieven

Wij nemen als gemeente deel aan een aantal initiatieven waar wij ideeën en kennis met andere organisaties uitwisselen: de Regionale Energie Strategie (RES), Bestuursoverleg Energietransitie Gooi en Vechtstreek (BOEG) en Regionaal Energietransitieteam (RET). Zo kunnen we van elkaar leren en verbeteringen versnellen.

Meer informatie

www.skao.nl

Logo prestatieladder