Maaibeheer

In Hilversum worden gazons, bermen, ruigtes (grond met hoge, kruidachtige planten) en kruidenrijke grasvelden gemaaid. Momenteel kijken we op verschillende plekken hoe we met minder vaak maaien voor meer biodiversiteit kunnen zorgen.

  • Gazons: Dit zijn grasvelden die vaak gemaaid worden zodat het gras kort blijft. Het gazon kan gebruikt worden om op te spelen of te picknicken. In Hilversum worden de gazons in de periode van maart tot en met oktober wekelijks gemaaid (in totaal 26 keer per jaar).
  • Bermen en boomstroken: Deze smalle stroken met gras liggen meestal langs een weg of fietspad, en zijn vaak voorzien van bomen. Regenwater kan hier in de grond wegzakken. Daarom hoeft het gras niet zo kort te zijn en is er ruimte voor kruiden en bloemen om te groeien. De bermen worden 6 keer per jaar gemaaid.
  • Ruigtes en kruidenrijke grasvelden: Dit zijn grotere grasvelden en stroken waar ruimte is voor de ontwikkeling van natuur, maar ook voor ontspanning en spelen. Deze grasvelden worden 1 of 2 keer per jaar gemaaid.

Aangepast maaibeheer: minder maaien

In 2019 en 2020 is op een aantal proeflocaties het maaibeheer aangepast. Als vervolg hierop wordt het maaibeheer in 2021 op meer locaties aangepast. Het gaat om locaties die een directe en belangrijke rol spelen bij het verbeteren van het leefgebied van de wilde bij. Het maaibeheer, de resultaten en eventuele moeilijkheden van deze pilots worden dit jaar met aandacht gevolgd en bestudeerd. Op basis van deze ervaringen wordt het maaibeheer verbeterd.

Een overzicht van de locaties vindt u hier.

Hoe wordt het maaibeheer aangepast?

Gazons en bermen worden nog maar 2 keer per jaar gemaaid. De grasvelden worden in mei/juni voor de eerste keer gemaaid en in september voor de tweede keer. Het maaisel wordt na 5 dagen verzameld en opgeruimd. Dit zorgt ervoor dat met het maaisel voedingsstoffen worden opgeruimd, zodat de bodem voedselarm wordt. Op deze bodem verdwijnen grassen langzaam en ontwikkelen er meer kruiden, die voedsel leveren voor bijen en andere insecten.

Een deel van de grasvelden wordt niet gemaaid: stukken van tenminste 10 m2 blijven staan. Deze stukken leveren voedsel en schuilplekken voor insecten en andere dieren. In de zomer ontwikkelen er langzaam kruiden tussen de grassen, zoals paardenbloemen. Later in de zomer beginnen de grassen en kruiden uit te bloeien en zullen ze afsterven. In de winter kunnen insecten hier overwinteren en kleine dieren schuilen. In de volgende maaibeurt worden deze plekken wel gemaaid.

Wanneer merk ik iets van het aangepaste maaibeheer?

Wanneer de gazons niet meer gemaaid worden, zal er in het 1e jaar vooral veel ruig en hoger gras groeien. De grasmat is nog erg dicht en daarom kunnen de zaden van kruiden niet makkelijk ontwikkelen. Gemiddeld duurt het 3 tot 5 jaar voordat grassen verdwijnen en bloemen en kruiden zich ontwikkelen. Waar het gras minder vaak gemaaid wordt, krijgt de natuur dus een kans. Andere stukken gras worden nog steeds gemaaid, zodat er plek blijft voor ontspanning en spelen.

We begrijpen dat het aangepaste maaibeheer nadelige gevolgen kan hebben voor mensen met hooikoorts. Het aangepaste maaibeheer wordt momenteel als proef op een aantal locaties uitgevoerd. Na een jaar gaan we de proef evalueren. Hooikoortsklachten zijn een van de aspecten die we meenemen in de evaluatie. Dan gaan we kijken naar de resultaten van en reacties op het aangepaste maaibeheer en wat er eventueel anders kan of moet worden aangepakt.

Veel gestelde vragen over het aangepaste maaibeheer

Het antwoord op de meest gestelde vragen over het aangepaste maaibeheer vindt u hier.